Les Arts Florissans

Les Arts Florissans

za 14-04-2018 - Lutherse Kerk, Groningen
zo 15-04-2018 - De Buitenhof, Bedum

Excuses: ons vorige concert was In medio mediterraneo en vond plaats in het najaar van 2018. We moeten dit nog bijwerken. Data, tekst en afbeelding op deze pagina betreffen ons concert in april 2018.

 

De bloeiende kunsten: 40 jaar Musica Retorica

Musica Retorica viert zijn 40-jarig jubileum, waarvan 25 jaar o.l.v. Christofoor Baljon. Dat zou reden genoeg zijn de dirigent in het zonnetje te zetten, maar dat gebeurt dit keer nu juist niet, want Baljon schaart zich onder de zangers en Musica Retorica heeft zich in een reeks workshops gewaagd aan een andere, authentiekere uitvoeringspraktijk, daarin onderwezen door twee jonge musici die als solist, respectievelijk fluitist samen met het door hen geformeerde orkest een prominente rol spelen.

Maar natuurlijk vraagt een jubileumconcert om roffelende pauken en schallend koper, wel toevertrouwd aan Carl Philipp Emanuel Bach. Het eerste deel van diens Magnificat bleek een passende opening voor dit concert.

Minder bekend, maar muzikaal wel zo spectaculair is diens korte cantate Heilig ist Gott, een dubbelkorig werk, eveneens met vol orkest. Het begint met een solistische ariëtte in de voor deze componist karakteristieke kamermuziekstijl, waarin de strekking van het stuk duidelijk tot uitdrukking komt: de lofprijzing van God door de ‘volkeren’ op aarde en de engelen in de hemel. Als beide groepen zich met de langgerekte uitroep ‘Heilig ist Gott’ hebben gemeld, begint een groots opgebouwde fuga, die wordt onderbroken door een Duits koraal ‘Herr Gott, wir loben dich’ , gezongen door het engelenkoor dat steeds weer verassend intervenieert alvorens de steeds breder uitpakkende fuga toewerkt naar een klinkende apotheose.

Ingetogener van aard is het De Profundis van Jean-Joseph Cassanéa de Mondon­ ville (1711-1772), befaamd violist, in 1740 benoemd tot kapelmeester van de Chapelle Royale en beroemd om zijn grands motets, dubbelkorige werken met orkest op Latijnse teksten. De tekst van psalm 130: ‘Uit de diepte roep ik tot u, Heer’, heeft tot op de huidige dag talrijke componisten geïnspireerd; aan het begin van Mondonvilles versie duiken sopranen en bassen op het woord ‘profundis’ met een octaafsprong de diepte in. De populariteit van dit werk was destijds uitermate groot, mede dankzij de subtiele rol van het orkest met de voor deze muziek typerende dubbele fluitbezetting. Onderzoek heeft uitgewezen dat dit werk tussen 1748 en 1762 niet minder dan veertig keer is uitgevoerd. Bij wijze van introductie laten we Mondonvilles schepping voorafgaan door een beroemde 16e-eeuwse zetting van ‘Ecce quomodo moritur justus’ (‘Zie hoe de rechtvaardige sterft’) uit Jesaja 57. Dit a capella gezongen motet van de Sloveense monnik Jacobus Händl (alias Jacobus Gallus) werd al door Johan Sebastian Bach gebruikt als naspel van zijn Matthäus Passion, een traditie die onlangs in de Naardense uitvoering onder Jos van Veldhoven in ere werd hersteld.

Les Arts Florissans, een allegorische opera van Marc-Antoine Charpentier, is door een onbekend gebleven librettist opgezet als een ode aan de vrede en de kunst. Het is een lofzang op de man die dat alles tot stand gebracht heeft: Lodewijk XIV, beter bekend als de Zonnekoning. Hij was een liefhebber van muziek, speelde gitaar, stond bekend als uitmuntend danser (zolang zijn groeiende corpulentie het toeliet) en was oprichter van twee koninklijke academies, één voor de bouwkunst en één voor de schilderkunst. Het hof van Versailles was het ongeëvenaarde centrum van macht, kunst en cultuur. Aangezien de Franse adel verplicht werd er te resideren, moest er permanent voor vermaak gezorgd worden. Balletten, opera’s en andere spektakels waren aan de orde van de dag.

Het zijn dan ook de kunsten in eigen persoon die in Les Arts Florissans dank komen betuigen aan de koning en zijn soldaten. Nog natrillend van de verschrikkingen van de oorlog (‘les foudres de la guerre’) worden de krijgslieden door respectievelijk de Muziek, de Poëzie, de Schilderkunst en de Architectuur toegezongen en vergast op zoete harmonieën. Daarbij blijkt het ten enenmale onmogelijk de koning die dit alles tot stand gebracht heeft naar waarde te prijzen, want superlatieven schieten tekort en – zoals de Poëzie concludeert – waar het woord in gebreke blijft, kun je maar beter zwijgen (‘il faut mieux manquer de le dire, que de le dire faiblement’). Helaas dreigt er toch nog de kink in de kabel te komen en wordt de lieve vrede bruut verstoord door een verschrikkelijk lawaai: de Tweedracht verschijnt ten tonele en dreigt alles overhoop te gooien en in brand te steken. Een korte orkestpassage in snelle zestiende noten suggereert de opkomst van de Furiën die de Tweedracht in haar kwade bedoeling komen versterken. Maar gelukkig treedt dan als reddende engel de Vrede op; geholpen door de oppergod Jupiter worden Tweedracht en Furiën gedwongen af te druipen. Eeuwige vrede lonkt … voorwaar een feestelijke afsluiting van dit concert!

NB: Charpentiers lofzang op de grote vredestichter dateert van 1685. Lodewijk XIV had op dat moment al drie oorlogen achter de rug en met zijn expansiepolitiek niet minder dan zeven mogendheden tegen zich in het harnas gejaagd; luttele jaren later ontketende hij wat bekend zou worden als de Negenjarige Oorlog (1688-1697). Op zijn sterfbed sprak hij de woorden: ‘J’aimais trop la guerre’ (‘ik hield te veel van oorlog’…).

Programma:

Magnificat
Carl Philipp Emanuel Bach
1714 – 1788

Ecce quomodo moritur iustus
Jacobus Händl
1550 – 1591

De profundis clamavi
Jean-Joseph Cassanéa de Mondonville
1711 -1772

Suitte in g klein
Marin Marais
1656 – 1728

Heilig ist Gott
Carl Philipp Emanuel Bach
1714 – 1788

Les Arts Florissants
Marc-Antoine Charpentier
1643 – 1704


Christy Luth
– sopraan
Jochem Baas – altus
João Luís Paixão – bas

Consort for 18th Century Harmony
Musica Retorica (zonder dirigent)

Afbeelding: Flora (van Rembrandt), gewoonlijk hangend in de Hermitage te Sint-Petersburg maar van november 2017 t/m 26 mei 2018 in die te Amsterdam.