¿Qu’es de ti, desconsolado?

HR | woensdag 9 oktober 2019

[bij concerten november 2019]

Spanje eindelijk weer christelijk!

Het Iberisch schiereiland kreeg in de loop der eeuwen met heel wat invallers te maken, waaronder de Feniciërs, de Carthagers, de Romeinen (die 600 jaar bleven) en de Visigoten (goed voor zo’n 300 jaar).

In 711 werden de Visigoten op hun beurt verslagen door de Moren (Noord-Afrikaanse moslims) en die bleven een kleine 800 jaar. Al in 722 begon de Reconquista: de terugverovering van het Iberisch schiereiland op de ‘heidenen’. Het duurde tot 1492 voordat alle Moren Spanje uitgemept waren: in dat jaar kwam het laatste Moorse bolwerk, Granada, terug in de handen van de christenheid.

Ons lied ¿Qu’es de ti, desconsolado? richt zich direct tot de net (1492) verslagen Moorse koning Boabdil (Mohammed XII) en tot Granada, de net bevrijde stad. Waar blijf je nou, grote koning? Waarom bekeer je je niet tot ons prachtige geloof? En: o Granada, wat heerlijk dat je nu eindelijk bevrijd bent!

Overigens was de Reconquista voor de joden geen vooruitgang: tijdens de eeuwenlange Moorse bezetting mochten ze net als de christenen hun geloof blijven aanhangen, maar na 1492 was het uit met de pret en stelden de christelijke autoriteiten joden en moslims voor de keuze: emigreren of bekeren. De meesten vluchtten toen naar Noord-Afrika. In oktober 2019 heeft de Spaanse regering een soort van schuld bekend en nakomelingen van de in 1492 verdreven Joden die inmiddels elders wonen (het merendeel in Zuid-Amerika) met terugwerkende kracht de Spaanse nationaliteit aangeboden. Waarop zeer terecht de nakomelingen van de in 1492 verdreven moslims in het geweer kwamen … – maar tevergeefs. Verschil moet er (blijkbaar) zijn.

Op de afbeelding hierboven: De overgave van Granada, geromantiseerd schilderij uit 1882 van F. Padilla: ‘Mohammed XII ontmoet Ferdinand en Isabella’.

Speelfilmpje van de overgave (2¾ min.): hier. Documentairefilmpje over de val van Granada (8 min.): hier.

*) ± 1250:
Doe leide hij onder hem wale
den horen ende Durendale;
Hij bad Gode met zoeter bede
dat hijne ten paradijs gelede.
Te Spanien wert keerde hij hem weder ende viel ruggelinge neder
dat niemand en zeggen mochte, Roelant en hadde den strijd volvochten.